• Artiest: Tracy Thorn
  • Titel: OUt of the woods
  • Label: Astral werks
  • Artiest: Rickie Lee Jones
  • Titel: The Sermon on Exposition Boulevard
  • Label: EMI
  • Datum bespreking: 22 maj 2007

Kabbelende electrobeats en het evangelie volgens Lee


Tracey Thorn – Out of the Woods

Ondergetekende (1973) vermoedde bij eerste beluistering van Out of the Woods een generatiegenoot te hebben ontdekt in Tracey Thorn (1962). Wellicht zijn de vette disco- en italo disco beats (It’s All True, Raise the Roof) de inbreng van producer Ewan Pearson (1972). Is Tracey Thorn dan een hersenloze jaknikker, een allemansvriendje, een naar boven gevallen achtergrondzangeresje of een knoppendraaierssletje? Neen, zeker niet. Mevrouw bracht al in 1982 een solo-ep uit en schrijft sindsdien het gros van haar muziek en teksten zelf en weet bovendien hoe ze haar warme soulvolle stem moet gebruiken. Daarnaast is ze natuurlijk vooral bekend als die andere helft van het duo Everything but the Girl.

Tracy Thorn - Out of the woods

Tracey Thorn mag dan misschien geen allemansvriendje zijn, van variatie houdt ze wel. Op Out of the Woods zwiert ze bijvoorbeeld kunstig van de prachtige pianoballade Nowhere Near naar het funky elektrosoulnummer Easy. Het merendeel van de tracks op dit album is down tempo, maar ze zijn natuurlijk wel allemaal voorzien van die zwoele, bezwerende klaagzang die Thorn zo kenmerkt. Het zijn zonder uitzondering karig aangeklede liedjes die veelal worden voortgedreven door funky basloopjes; kabbelende elektrobeats om op een eenzame zomernacht bij weg te dromen.

Rickie Lee Jones – The Sermon on Exposition Boulevard

Ook bij mij doet Rickie Lee Jones al jaren trouwe dienst in de platenkast. Het is zo’n plaat die je op vrijwel elk moment van de dag kunt opzetten en bij vrijwel elk gezelschap in goede aarde valt. Jones maakte sinds dit debuut uit 1979 nog een hele trits platen. Ik herinner me nog dat ik in 2000 even kortstondig aan It’s Like That heb geroken en m’n neus heb opgehaald, waarna ik ben doorgelopen met de cd van het destijds heersende next big thingetje op zak. En zo zal het nog wel een keer of tien gegaan zijn met die andere cd’s uit Jones’ inmiddels aardig uitgedijde backcatalogue.

Rickie Lee Jones - The Sermon

Maar nu zit ik hier toch maar even mooi met een nieuwe Rickie Lee in mijn handen. Misschien werd het wel weer eens tijd. The Sermon on Exposition Boulevard heet het ding. Ik heb het inmiddels een keer of tien gedraaid, maar ben nog steeds niet bekeerd. Tot het geloof bedoel ik, de plaat mag blijven. En zo moet Rickie Lee het bedoeld hebben. Mevrouw is nu eenmaal slechts geraakt door de spirituele boodschap van Jezus Christus en geen newborn christen, zo benadrukt ze in allerhande interviews bij verschijnen van deze cd. U zou het zomaar kunnen denken na beluistering van The Sermon on Exposition Boulevard. Nope, daar is geen enkele moeite voor nodig om dat te gaan denken.

Als ik het goed begrepen heb zou Rickie een jaar of wat terug voor een bevriend kunstenaar een samenvatting van het Nieuwe Testament inspreken. Jones besloot liever een geïmproviseerde tekst te zingen. Dit album zou op die sessie gebaseerd zijn.

Verwacht op The Sermon on Exposition Boulevard geen vaudevilleachtige jazzpop zoals u van Jones gewend bent. Dit album is in veel hogere mate rock georiënteerd. Wat gebleven is is natuurlijk die prachtige elastische hooghese stem. En Lee Jones’ fameuze timing die de refreintjes uit haar liedjes zo herhaaltoetsproof maken. Na twee minuten met The Sermon on Exposition Boulevard in de speler ben ik dan ook kritieke punt numero uno reeds voorbij. Ja, Rickie Lee klinkt, goddank, nog steeds als een verwend kind dat dreint om een suikerspin. Da’s alvast mooi meegenomen. Haar timbre mag dan misschien zachtroze lijken, de luisteraar bijt er zonder pardon z’n tanden op stuk. Wat wil je met smerige Waitsiaanse stukken als Tried to be a Man, waarin Jones geloof ik werkelijk haar best doet om ook als haar voormalige geliefde te zingen. Om alle evangelica even te vergeten heeft ze in dit nummer nog een koortje gestopt dat doet vermoeden dat Jones toch ook nog wel wat sympathie voor de duivel heeft behouden. Rickie beschrijft haar rol tussen deze uitersten zelf natuurlijk het best in een van de sterkste liedjes van het album, Elvis’ Cadillac:

I'm standing in the doorway
But I'm happy living here
Everybody always tries so hard
To sing a song no one can hear

Yes my heart was opened
No, no I don't look back
Because I'm riding around heaven
In Elvis’ Cadillac

Ketchup for Curry