• Regie: Nickolas Dylan Rossi
  • Titel: Heaven adores you
  • Gezien op: IDFA, Amsterdam
  • Datum bespreking: 2 december 2014

Onbevredigende docu over fascinerende Elliott Smith


Tijdens de afgelopen editie van IDFA ging de documentaire Heaven adores you over de Amerikaanse singer-songwriter Elliott Smith (1969-2003) in Nederland in première. Voorafgaand aan de release werd een nog onbekend liedje van Smith openbaar gemaakt. Het liedje ‘Ocean’ nam hij op als 14-jarig jongetje, met cassetterecorder en keyboard. Het is een beetje een onbeholpen opname, maar toch is zijn talent al duidelijk hoorbaar.

Bij mijn weten is Heaven adores you de eerste lange documentaire die over het leven en de muziek van Elliott Smith is gemaakt, en in ieder geval de eerste waar zijn muziek in mocht worden gebruikt. Ik vermoed dat daar strikte voorwaarden aan waren verbonden en dat deze Nickolas Dylan Rossi, de documentairemaker, voor akelige keuzes hebben gesteld.

Het is ontroerend om 11 jaar na de nog altijd door raadsels omgeven dood van Smith (de officiële lezing is dat hij zichzelf doodde door zich met een mes in het hart te steken, maar moord is nooit uitgesloten) deze opname te horen. Het liedje is opmerkelijk complex voor een 14-jarige, en zijn nog wat onvaste stem zit al behoorlijk dicht bij de zanger die in 1998 genomineerd zou worden voor een Oscar voor de beste filmmuziek (voor ‘Miss Misery’, uit de film Good Will Hunting).

En de documentaire bevat veel mooie, tot nu toe onbekende foto’s (jeugdfoto’s, foto’s met zijn vriendin in Portland waar hij ‘Say yes’ over schreef), beelden (veel stond al op Youtube, maar vooral de outtakes van de clips zijn fraai) en geluidsfragmenten. Dat laatste betreft met name radio-interviews, die onthullend zijn in wat hij niet zegt. Tijdens interviews voelde Smith zich doorgaans duidelijk erg ongemakkelijk.

Heaven adores you

Toen hem bijvoorbeeld eens gevraagd werd waarom hij zijn woonplaats Portland ging verlaten, viel er een erg lange stilte, waarin je de zanger hoort hakkelen. Dan zegt hij: ‘Let’s not get into that’. Dit ongemak wordt door een van de geïnterviewden uitgelegd als een gevolg van zijn eerlijkheid. Hij wilde eigenlijk vertellen waarom hij het beu was in Portland, maar bedacht zich juist op tijd dat het niet handig was dat op de radio te vertellen.

Die terughoudendheid blijkt besmettelijk. Want ook zijn vrienden en familie (en dat zijn de enigen die in de documentaire aan het woord komen) laten niets los dat iets verder gaat dan de oppervlakte. En de interviewer vraagt niet door. Kennelijk was het alleen de bedoeling de levensloop van een van de meest bijzondere singer-songwriters van de afgelopen decennia ruw te schetsen en te benadrukken hoe bijzonder de muziek is.


Verzameld Werk van Elliott Smith (samenstelling Edwin Fagel):

Dat is te weinig. Het gebeurt me eigenlijk nooit dat ik meer weet dan een documentaire laat zien. Heaven adores you is zo’n documentaire die opzichtig langs onderwerpen scheert, maar ze niet behandelt. En juist bij een figuur als Elliott Smith, wiens leven (en dood) met allerlei vragen is omgeven, is dat storend. Zo wordt over de relatie met zijn stiefvader alleen gezegd dat die ‘slecht’ was. En is er geen enkele duiding van Smiths teksten. Vrijwel niets over waarom het na de succesvolle platen XO en Figure 8 bergafwaarts met hem ging. Een mislukte zelfmoordpoging blijft onvermeld. Geen informatie over de raadselachtige omstandigheden waaronder hij is gestorven.

In plaats daarvan een eindeloze reeks beelden van Amerikaanse steden en landschappen, vrienden en familie die vooral in clichés lijken te praten (‘Hij schreef niet alleen over zichzelf’) en de indruk dat de zwaarte ten koste van alles moest worden vermeden – wat lastig is in een documentaire over een singer-songwriter die door zelfmoord om het leven is gekomen, en daar in zijn muziek meer dan eens op zinspeelde. In plaats daarvan aan het slot de oproep de cd’s van Elliott Smith te kopen: het maakt uit niet welke, ze zijn allemaal goed. Dat klopt, maar uit de mond van een van de erven klinkt het toch net anders.

Wat rest zijn de mooie foto’s en beelden. En de alternatieve versies van bekende liedjes. En de opnamen van nog onbekend werk (niet van ‘Ocean’ trouwens, dat liedje zit als ik me niet vergis niet in de documentaire zelf; wel een ander liedje uit Smiths tienerjaren, een poging tot symfonische rock: ‘I love my room’). Die, en een aantal grappige anekdoten, maken de documentaire de moeite waard. Maar het wachten is op een documentaire die een volledig en ongecensureerd portret biedt van deze fascinerende, tegenstrijdige en ongehoord getalenteerde persoonlijkheid. Elliott Smith is oneindig interessanter dan de documentairemaker ons wil doen geloven.

Edwin Fagel